Navigatie - Deel 1 - Waar zijn we ?
Navigatie - Deel 2 - Welke koers moeten we varen ?
Navigatie - Deel 3 - Is het daar diep genoeg ?
DEEL 1 : Waar ben ik ?
Positie
Latitude en Longitude
Om uw positie te bepalen op zee bebruiken we het assenstelsel van breedtegraden (latitude) en lengtegraden (longitude).
De latitude geeft de positie weer tov de evenaar, noord of zuid van de evenaar en de afstand van de evenaar.
De longitude geeft de positie weer tov de nul-meridiaan van Greenwich (UK), west of oost van de nul-meridiaan.
De latitude en longitude drukt men uit in graden, minuten en seconden of tienden van een minuut. Bij het zeilen gebruikt men overwegend de notatie met tienden van een minuut.
Bijvoorbeeld de positie van een plaatsje in de haven van Nieuwpoort : 51° 08',4 N, 02° 44',7 E (uitgedrukt met seconden : 51° 08' 24" N, 02° 44' 42" E). Dit betekent dus dat dit plaatsje ligt op 51 graden en 8 minuten en 4 tienden van een minuut ten noorden van de evenaar en 2 graden 44 minuten en 7 tienden van een minuut ten oosten van de nulmeridaan van Greenwich.
Positie op de kaart
De latitude leest men af op de verticale as.
Hiernaast zie je een stuk kaart, waarbij je de latitude voor de groene boei D13, rechts op de verticale as kan aflezen : 51°32' plus 8 streepjes die de tienden van een minuut aangeven.
Dus de groene boei D13 heeft een latitude van 51°32',8 N.
De longitude leest men af op de horizontale as. Identiek zoals bij de latitude.
Positie bepalen
Als u over een GPS beschikt kan u uw positie in latitude en longitude aflezen. Als we niet beschikken over een GPS, of de GPS valt uit of ter controle of uit interesse, kunnen we onze positie bepalen aan de hand van peilingen.
Voor peilingen hebben we een kompas nodig, vandaar dus eerst een toelichting over het gebruik van het kompas.
Kompas
Variatie
Het noorden aangegeven door een kompas is het magnetische noorden, maar niet het ware noorden. Dus de koers aangeven door een kompas moet gecorrigeerd worden om de ware koers te vinden. Deze correctie noemt men de de variatie.
De variatie hangt af van waar men zich op de aarde bevindt en het tijdstip. De variatie met het jaartal horende bij deze variatie, kan men vinden op een zeekaart. Tevens staat op de zeekaart, de aanpassing aan de variatie per jaar.
Bijvoorbeeld een variatie van 2° W in 2005. De aanpassing per jaar is 0,2° W. Dus in 2008 bedraagt de variatie 2°,6 W.
Een variatie West betekent dat men de graden moet aftrekken en bij een variatie Oost moet men de graden erbij tellen. Dit is omwille van de kloksgewijze notering van de graden op een kompasroos.
Deviatie
Een tweede correctie die men moet aanbrengen aan de kompas koers is de deviatie. De deviatie is een afwijking van het kompas onder invloed van magnetische krachten die zich op de boot bevinden. Bijvoorbeeld, het metaal van de motor, het anker en de electronica aan boord.
De deviatie hangt ook af van de koers die men vaart. Als bijvoorbeeld de boeg van de boot op 90° staat zal de correctie anders zijn dan als de boeg van de boot op 150° staat.
Op een modern zeiljacht is de deviatie erg beperkt en vaak gecorrigeerd door magneten bij het plaatsen van het het kompas. Hiermee houden we dus verder geen rekening.
Positielijnen (LOP : Lines Of Positions)
Als men een kompas en een kaart heeft kan men positielijnen bepalen.
1. Men zoekt een herkenbaar referentiepunt : bijvoorbeeld een vuurturen, een boei, een lichtschip, ...
2. Men zoekt dit referentiepunt op de kaart.
3. Men peilt met het kompas de richting van het referentiepunt.
4. Men tekent de positielijn door het referentiepunt op de kaart.
Dit doet men voor minstens twee referentiepunten. Daar waar deze positielijnen elkaar kruisen, is onze positie.
Voorbeeld : Op de bovenstaande kaart zien we als eerste referentiepunt de rood-groene boei O28-D17 op 90°. Als tweede referentiepunt zien we de rode boei D14 op 45°. Als we de twee positielijnen tekenen door onze referentiepunten, dan kruisen deze mekaar net onder de rode 026 boei. Dit is onze positie, de latitude en longitude kunt u aflezen op de kaart.
